De zon is niet warm
JOHANNES 20,26-28:
HOEWEL DE DEUREN GESLOTEN WAREN KWAM JEZUS BINNEN, GING IN HUN MIDDEN STAAN EN ZEI: ‘VREDE ZIJ U.’ VERVOLGENS ZEI HIJ TOT THOMAS: ‘KOM HIER MET UW VINGER EN BEZIE MIJN HANDEN. STEEK UW HAND UIT EN LEG DIE IN MIJN ZIJDE EN WEES NIET LANGER ONGELOVIG MAAR GELOVIG.’ TOEN RIEP THOMAS UIT: ‘MIJN HEER EN MIJN GOD!’
Onomstotelijk
Soms loop je wel eens tegen bijzondere verhalen aan. Zo hoorde ik via een collega-predikant over de Spaanse geleerde Ibn Tufayl (1105-1187). Spanje was destijds Islamitisch en als wetenschapper schreef Ibn over allerlei zaken. In één van zijn boeken beweert hij over de zon het volgende: ‘In de natuurwetenschappen wordt onomstotelijk bewezen dat de zon van zichzelf niet warm is.’ Ibn Tufayl wist dat licht warmte kan veroorzaken. In een holle spiegel kan het brand stichten. Maar hij merkte ook dat het kouder werd als je bergopwaarts in de richting van de zon liep. Hij achtte het daarom onomstotelijk bewezen dat de zon niet warm is.
Toch even anders
In 2026, bijna negen eeuwen later, weten wij, dat het met ons grootste hemellichaam toch iets anders ligt. De geschiedenis is rijkelijk voorzien van dit soort ‘dwalingen’. Zelfs de meest gerenommeerde geleerden kan het overkomen. Dat ‘onomstotelijk bewijs’ blijkt minder solide dan gedacht. Het ‘zekere weten’ niet zo absoluut als wordt aangenomen.
Misleiding
Hoe erg kun je je vergissen?! Hoe erg vergis ik me elke dag? Als tienjarige jongen ben ik ooit in mijn eentje van onze woonplaats Rilland-Bath naar de vliegbasis Woensdrecht gefietst. Ik wilde wel eens grote vliegtuigen in het echt bekijken. De basis bleek omheind te zijn met een hoog hek en erachter liepen herdershonden. Geen kans om dichterbij te komen. Met mijn neus tegen het gaas heb ik daar lange tijd staan turen naar de machtig grote vliegtuigen. Vlak bij het hek stond een standbeeld. Een soldaat die met zijn geweer over de schouder plechtig salueert. Het beeld was al even kolossaal als de vliegtuigen, althans in mijn herinnering. Toen ik tientallen jaren later de vliegbasis nog eens bezocht, stond het beeld er nog altijd. Tot mijn verbijstering ontdekte ik echter dat mijn herinnering me totaal had misleid. Het hek was er nog, de vliegtuigen ook. Maar pas na heel veel zoeken vond ik het kleine bescheiden beeldje. Niet van een saluerende soldaat maar van een omhoog turende vliegenier. Het beeldje had er altijd al gestaan.
Sceptisch
Toen is er in mij een ongelovige Thomas geboren. Eén die zichzelf niet meer ‘zomaar’ vertrouwt. Feiten zijn bedrieglijk. Menselijke kennis is altijd onvolmaakt. De apostel Thomas heeft ook zo zijn ervaringen in het leven gehad. Hij neemt niet alles meer ‘zomaar’ aan. Hij gunt zichzelf de twijfel en hij onderzoekt de zaken kritisch. Wanneer de andere leerlingen van Jezus opgewonden vertellen dat ze de vermoorde Jezus hebben ervaren, dan is Thomas zeer gereserveerd.
Bedrieglijke rust
Wij kerkmensen hebben intussen leergeld betaald. Ooit was twijfel verboden. Onze ouders en grootouders hebben menigmaal gebiecht, dat ze hun twijfels hadden over geloofszaken. Het was een groot taboe om te laten merken dat je twijfels had over Adam en Eva, over de paus, over de broodvermenigvuldiging, over de bruiloft van Kana. Die onderdrukking van alle twijfel heeft enkele generaties lang rust gebracht in de kerk. Maar toen in de jaren ’60 van de vorige eeuw het eerste schaap begon te mekkeren, is de geloofsgemeenschap als een kaartenhuis in elkaar gevallen. Een groot deel van de gelovigen had zich niet ontwikkeld tot zelfstandig denkende christen. Laten we dus vooral in de kerk samen met Thomas kritisch durven zijn. Het is immers erg heet op de zon, naar het schijnt.
Overgave
Bovendien kent de kritische scepsis van Thomas nog een andere kant. Het is nooit ‘onomstotelijk’ bewezen dat God niet bestaat. In elk geval voel ik mij Zijn schepsel! En daarom, na het kritisch onderzoek, na alle twijfel, achter de grenzen van al ons kennen, rest ons slechts één ding: overgave aan het wonder van onze schepping. De laatste waarheid is er niet om te begrijpen. Wij worden daar zelf door begrepen. De laatste waarheid eist overgave! Zoals Thomas heeft ondervonden: ‘Mijn Heer en mijn God!’
In die geest wens ik u allen een Zalig Pasen toe!
André van Boven