Pastorale Column juli 2020

Vakantiegroet

Jezus zond de leerlingen twee aan twee voor zich uit naar alle steden en plaatsen waar Hij zelf nog komen zou. Hij zei tegen hen: ‘Neem geen beurs mee, geen reistas en geen schoenen, en groet onderweg niemand.’ 
Lucas 10, 1-4

Vorig jaar, toen je nog gewoon met de trein kon reizen, ben ik in Lelystad vaak van huis naar het station gelopen. Onderweg kom je dan allerlei mensen tegen: een schilderende meneer op een ladder, een mevrouw die haar hondje uitlaat, kinderen die een balletje trappen op de stoep, niets bijzonders op het eerste gezicht. Maar op mijn vorige standplaats heb ik gewerkt in een dorp en als mensen elkaar op straat ontmoeten, groeten ze elkaar en staan ze soms stil om een praatje te maken. Zelfs als ze elkaar niet kennen, steken ze toch een hand op of wensen goedendag. Nog helemaal in die dorpse sfeer deed ik dat op eerste mijn wandelingen in Lelystad ook. U raadt waarschijnlijk het resultaat: die meneer viel bijna van zijn ladder en de mevrouw wilde haar hond op me afsturen. De kinderen lieten verschrikt hun bal in de steek en renden weg. Ik heb dat groeten daarom maar opgegeven. Je wilt mensen niet in verlegenheid brengen of de stuipen op het lijf jagen.

Iedere keer als ik het bovenstaande fragment uit het Lucasevangelie lees, doet me dat denken aan die ervaring met groeten in een grote stad. Jezus stuurt 72 leerlingen erop uit en drukt hen op het hart: ‘Groet niemand onderweg!’ Goh, denk je dan in je onschuld, zouden al die Lelysteedse mensen die ik ben tegengekomen daarom zo stug reageren? Zijn ze misschien onderweg met een belangrijke taak of opdracht? Maar ja, als dat zo is, dan laat je niet je hond uit en sta je niet op een ladder om je huis te schilderen. Nee, blijkbaar zijn de mensen hier niet gewend om een vreemdeling te groeten op straat. Lelystad is geen dorp.

De streek waar Jezus zijn leerlingen uitzendt, is wel bezaaid met dorpen. Als er in zo’n gehucht een vreemdeling arriveert, gebeurt er iets dat wij niet kennen. Die reiziger moet gaan zitten, de belangrijkste mensen van het dorp schuiven aan en de rest van het dorp komt er omheen staan. Dan wordt er een uitgebreid gesprek gevoerd. Als je geluk hebt, kun je na een paar uur weer verder, maar in een volgende dorp wacht hetzelfde ritueel. Groeten in het Midden-Oosten is de belangrijkste vorm van nieuws overbrengen en communicatie met de rest van de wereld. Er zijn immers geen kranten, geen televisies en geen telefoons.

Dit tijdrovende begroetingsritueel wil Jezus vermijden, want het dient de zending van de leerlingen niet. Heel het gedrag en de houding van de leerlingen moet erop gericht zijn de boodschap van vrede over te brengen. Dus niet vrijblijvend in een begroetingsritueel maar tijdens een echte ontmoeting met gemotiveerde mensen, bij hen thuis, in de intimiteit van hun dagelijkse leven. De oproep van Jezus is niet bedoeld om onbeleefd te zijn, maar om het echte groeten te reserveren voor de mensen van goede wil, in hun eigen leefwereld.

Nu de maatregelen van het RIVM op 1 juli a.s. zijn versoepeld, kan ik weer met de trein op reis. Ik heb inmiddels begrepen, dat ik op weg naar het station beter gewoon door kan lopen zonder te groeten. Maar ik weet ook dat het mijn zending in deze parochie is om iets van de warmte en de rijkdom van Gods liefde te delen met mensen van goede wil. Als u dus eens behoefte hebt om daarover te spreken, mag u me altijd opzoeken. Het mag op straat, want dat loopje naar het station zit er voorlopig wel weer in. Maar ik kom ook graag naar u toe voor een ontmoeting bij u thuis. Wie weet, mogen we samen op zoek gaan naar wat er in ons leven tot vrede strekt. Wie weet, worden we daar allebei rijker en blijer van, dat is namelijk de bedoeling. En dat mag dan best een paar uurtjes duren.

André van Boven