Pastorale Column maart 2021

Een tijd van vasten

Normalerwijs trekken wij als gelovigen op Aswoensdag naar de kerk toe om het askruisje te ontvangen. Dit jaar was dat vanwege de heersende maatregelen niet mogelijk.

Evenals we ook de fysieke ontmoeting met elkaar en met de Heer, in het sacrament van de Eucharistie, moeten missen.

We kunnen het alleen op afstand meemaken, via televisie of internet.

Het lijkt wel of we momenteel  in een versneld proces worden omgevormd tot “digitale mensen”. Willen we contact hebben met onze familie, dan worden we veelal gedwongen om dit via internet te doen, evenals in het geval we iets willen kopen wat niet direct tot de eerste levensbehoeften behoort; dan kunnen we niet naar de winkel. Via internet en een bezorgdienst is de enige mogelijkheid om nog iets aan te kunnen schaffen.

En zo is het met de kerk helaas niet anders.

‘Geestelijke communie’: het klinkt mooi, maar Jezus was God én mens: naast zijn goddelijke, geestelijke gestalte, heeft Hij ook een tastbaar Lichaam. Lichamelijk contact hoort bij een menselijke relatie. En het hoort ook bij onze relatie met God. Zonder die lichamelijkheid verkommeren we.

In zekere zin zouden we kunnen zeggen dat de vastentijd nu al zowat bijna een jaar duurt. Niet zozeer vasten op het gebied van eten en drinken; we onthouden ons nu al een jaar van een stukje menselijkheid.

Toch loopt de vastentijd altijd uit op Pasen. Eens zullen we opstaan uit alles wat ons terneer drukt. Alleen duurt het momenteel wat langer dan we gewend zijn, eer het zover is. Het Joodse volk moest veertig jaar door de woestijn, eer dat zij het beloofde land had bereikt.

De veertig dagentijd begint ook altijd met de verzoeking van Jezus in de woestijn. Hij werd beproefd. Net zoals wij nu beproefd worden.

Alle mensen worden momenteel beproefd; maar als gelovigen hebben we toch dit vóór: dat wij altijd een perspectief hebben, waar we ons aan kunnen vasthouden.

Bekeert u en gelooft in de blijde boodschap”; dat is in één zinnetje de kern van wat God van ons verlangt. Alles wat wij nu moeten missen, mogen we invoegen bij het lijden van Christus. Laten we het op die manier een plaatsje geven in ons leven. Maar laten we ons vast blijven klampen aan ons geloof: eens zal het Pasen worden; dat is zeker.

Dat is de belofte die door God aan ons gedaan is. Laten we ons niet gek maken door wat er nu gebeurt, maar ons vertrouwen op de verrezen Heer blijven stellen. God zal ons niet teleurstellen; Hij zal ons zelfs boven verwachting verhoren indien we op Hem onze hoop blijven stellen.

Jaap Scholten