Op 15 augustus is er in de Basiliek in Zwolle een plechtige Eucharistieviering vanwege het Hoogfeest van Maria ten Hemelopneming. Het zilveren beeld wordt in processie rond de kerk gedragen door de broederschap, gevolgd door het pastoraal team, het koor en de gelovigen. In de viering is er een lichtprocessie waarbij iedereen naar voren komt om een kaarsje bij het Mariabeeld aan te steken. Marialiederen worden gezongen als “Sterre der zee” en “te Lourdes op de Bergen”. Maar wat vieren we eigenlijk precies?
Herdacht wordt dat Maria aan het einde van haar aardse leven in de hemel werd opgenomen, met lichaam en ziel. Spreken we bij Christus van zijn ‘hemelvaart’, bij Maria van Tenhemelopneming. Zij steeg immers niet eigen kracht op, maar werd door God aan de aardse werkelijkheid werd onttrokken: God neemt Maria op in de hemel.
Maria moet ergens tussen 36 en 50 n. Chr. zijn overleden in Jeruzalem of Efeze (Turkije). Hierbij zouden alle apostelen aanwezig zijn, behalve Thomas. Toen Thomas aankwam, was Maria’s lichaam al begraven, maar om haar eer te bewijzen bezocht Thomas in zijn eentje haar graf. Volgens de traditie zou Thomas toen de tenhemelopneming van Maria hebben gezien. Daarbij zou hij van Maria haar gordel hebben gekregen. De overige apostelen geloofden dit niet totdat hij hen de gordel toonde en het lege graf. Een opmerkelijke omkering van de situatie toen Thomas als enige apostel aanvankelijk niet geloofde in de verrezen Christus!
Dogma
Het 2e Vaticaans concilie (1964) beschreef het dogma (een grondregel van de kerk) aldus: “Tenslotte is de onbevlekte Maagd, gevrijwaard van ieder smet van de Erfzonde, in het voltooien van haar aardse levensloop, met lichaam en ziel in de hemelse heerlijkheid opgenomen en door de Heer verheven tot koningin van het heelal om zo gelijkvormiger te worden aan haar Zoon, de Heer der heren en de overwinnaar van zonde en dood”.
Volkstradities
Maria Hemelvaart was tot ver in de 20e eeuw een feestelijke vrije dag en stond in het teken van de Mariadevotie en de oogst. Uit dankbaarheid voor de goede oogst trokken vele mensen naar de verschillende Mariaheiligdommen. In Frankrijk is 15 aout nog steeds een belangrijk en bekend feest.
In de Thomas a Kempisparochie zijn er drie kerken vernoemd naar Onze Lieve Vrouwe Tenhemelopneming: de basiliek in Zwolle, de Buitenkerk in Kampen en Hattem.
Kort na Maria Tenhemelopneming gaan de samenwerkende parochies op bedevaart naar Kevelaer. (Zie Bedevaart Kevelaer.)
Maria met het kind buiten de kerk tijdens de 7e Mariaprocessie rond de Onze Lieve Vrouwebasiliek aan de Ossenmarkt te Zwolle, 2013, beeld Harry Plantinga
Zilveren Mariabeeld
In de noordtransept van de Onze Lieve Vrouwe Basiliek te Zwolle, aan de westwand van het gebouw is een bijzonder beeld te vinden. Maria met het Kind in volledig zilver en bezet met allerlei mineralen en edelstenen zoals topaas, robijn, opaal en koraal. Het beeld, 108 cm hoog en gemaakt in 1886 door Hellner, heeft een belangrijke plek in het geloofsleven van de rooms-katholieke parochiaan in Zwolle en tot ver daarbuiten. Deze Maria met het Kind toont ons de ambities en identiteitsvorming van het rooms-katholicisme in de 19e eeuw en de huidige plek van het christelijke geloof in Nederland.
Na 130 jaar een nieuw leven
Sinds 2007 kent dit beeld een nieuw leven. Tijdens het Mariafeest (15 augustus) – binnen de Rooms-katholieke Kerk, wordt op Maria Tenhemelopneming de opneming van Maria met ziel en lichaam in de hemel herdacht – wordt het beeld in processie rondom de Ossenmarkt gedragen. Tijdens de processie worden er Marialiederen gezongen. Ter afsluiting van de processie wordt er een mis gehouden. Deze Mariaprocessie blijft elk jaar groeien – nieuwsgierigen en gelovigen weten hun weg naar Zwolle te vinden. Zwolle krijgt voor een klein moment de aanblik van een Zuid-Nederlandse stad. Dit beeld geeft zo een nieuwe traditie en geloofsuiting vorm in het hart van Zwolle. ‘“Een processie is een heel mooie manier om ons geloof aan de stad te tonen”, zegt initiatiefneemster Jacintha Lagemaat’ in de Trouw.
‘Prachtig!’ zou je zeggen… mooie traditie, goed voor de lokale parochie en voor de stad. Maar tot 1983 was het helemaal niet toegestaan om in processie door de stad te lopen met een beeld. Eeuwenlang gold er een verordening dat processies verbood. Waar is deze Maria uit 1886 dan voor bedoeld?
Tot 1983 niet gegund
Maria met het Kind is in opdracht gemaakt van de Zwolse broederschap tot Kevelaer. In Kevelaer kwamen veel Nederlandse katholieken uit het noorden van Nederland, omdat juist daar de katholieke geloofsuitingen verboden waren. In Kevelaer, een bedevaartsoord sinds 1642, wordt een bijzondere afbeelding van Maria vereerd. Deze plek ligt in Duitsland vlak over de grens bij Venlo. Kevelaer lag oorspronkelijk in het hertogdom Gelre en maakte daarmee deel uit van de Nederlanden, maar werd na 1713 Pruisisch en vanaf 1870 Duits. Onder Pruisisch bewind heerste er godsdienstvrijheid. Daarom gingen katholieken in grote getale naar deze plek en konden zij hun vieringen en processies in het openbaar houden.
Waar dit eerst in huifkarren en te voet gedaan moest worden – een grote inspanning die tot 8 dagen kon duren – maakte de komst van de trein de bedevaart op verschillende manieren makkelijker. Allereerst waren treinkaartjes goedkoop en was je door versnelde reistijden minder langer van huis – het werd dus toegankelijker voor armen. Daarnaast werden de processies minder politiek geladen. De openlijke vertoning van katholieken met hun godsdienstige uitingen kon namelijk niet op veel steun rekenen bij niet-katholieken. De protestanten konden moeilijk accepteren dat naast de protestantse religie het katholieke haar plek in de publieke ruimte opeiste. Ze zagen in de processies de macht van de paus en waren bang dat de katholieken het land terug wilden veroveren op de protestanten. In een afgesloten treinwagon is het dan allemaal net wat makkelijker. Wat hetzelfde blijft zijn de liederen die worden gezonden om de tocht door te komen en ritueel vorm te geven.
Eerste pagina van het boekje (1907) dat gebruikt werd tijden de processiebedevaarten naar Kevelaer. In de programmaboekjes werd verwezen naar liederen die hier te vinden zijn. Uit het Historisch Documentatiecentrum Overijssel.
Er waren waarschijnlijk zo’n vijftig processies per jaar vanuit Nederland naar Kevelaer. De broederschappen telden zo’n 100.000-200.000 leden op een bevolking van 1,5 miljoen. Grote getalen van de Nederlandse bevolking gingen dus op bedevaart … waaronder de Zwolse katholieken.
De eerste bedevaart richting Kevelaer vanuit Zwolle dateert uit 1779. Een jaar later wordt het Zwolse broederschap opgericht. De bedevaart naar Kevelaer werd verbonden aan deze Broederschap. Je zou dit kunnen zien als een aanjager van de processie en de organisatie daaromheen. In een boek dat de Broederschap in 1785 uitgaf ter stimulering van persoonlijke spiritualiteit wordt dit benadrukt door een pastor uit Antwerpen: ‘De broederschappen moeten aensien worden, als bequaeme middelen, om malkanderem op te wecken tot het goed, de eere en lof van Maria te vermeerderen , wel en christelyk te leven, en van elkanders verdiensten deelachtig te worden…’
Broederschappen in de 19e eeuw zijn dan ook volkser dan hun middeleeuwse voorlopers – en daarmee veel groter. De Zwolse Broederschap had bijvoorbeeld in de periode 1837-1871 tussen de 1576 en 2023 leden. En in 1886 – toen het nieuwe Mariabeeld gereed was – kocht de Broederschap wel 1165 spoorkaarten in voor alle bedevaartgangers en werden er 940 programmaboekjes gedrukt. Een massale tocht dus naar Kevelaer, Duitsland. Onderzoekers zien in de opkomst van de Broederschappen ook wel versterkers van de katholieke identiteit en een teken van het ultramontanisme.
Processievaandel
De Onze Lieve Vrouwe Basiliek te Zwolle heeft, zoals dit project aangeeft, een heel aantal waardevolle objecten in bezit. Dit vaandel is daar zeker een van. Het is gemaakt in 1905 en behoorde toe aan het Zwolsche Broederschap van Kevelaer, wat opgericht werd in 1780. De tekst op de achterkant leest: “Zwolsche Broederschap van Kevelaer 1780 = 1905”. Hoogstwaarschijnlijk is het vaandel gemaakt voor het 125-jarig bestaan van het broederschap.
Het vaandel is gemaakt van rood velours. Maria staat centraal, ze is afgebeeld met een aureool van gouddraad, pailletten en kraaltjes. Ze staat op een wolk, haar handen zijn gevouwen en ze draagt een blauwe omhang met een rood gewaad daaronder. Naast haar hoofd zijn twee hoofden van engelen afgebeeld. De tekst langs de randen leest van links naar boven naar rechts Assumpta est / Maria in coelum / gaudent angeli. De eerste letter van elk woord is goud, de rest is rood. De tekst betekent ‘Maria wordt opgenomen in de hemel, de engelen verheugen zich’. Deze tekst is het begin van zowel een liturgische tekst, als van een lied, die horen bij Maria ten Hemelvaart, een belangrijke katholieke feestdag die gevierd wordt op 15 augustus. Aan de onderzijde zijn vijf afhangende panden te zien, afgezet met franje. De middelste drie lopen spits toe en zijn voorzien van lelies. Uit het hart van de bloem groeit een klein kruisje. De buitenste twee panden, rechthoekig aan de onderzijde, zijn ook van lelies voorzien. De witte lelie is een bloem die bij uitstek met Maria geassocieerd wordt, het benadrukt haar maagdelijkheid en haar zuiverheid.
Dit specifieke exemplaar, met de panden aan de onderkant, wordt met een Frans woord gonfalon genoemd.[2] Waarschijnlijk is het ontwerp van de afbeelding gemaakt door de architect Friedrich Wilhelm Mengelberg, die veel van het neogotische interieur van het kerkgebouw heeft ontworpen. Het ontwerp is uitgevoerd door Overman, in Zwolle.[3] Mengelberg was oorspronkelijk afkomstig uit Duitsland, uit Keulen. Voor de dom aldaar ontwierp hij ook vaandels, tussen 1897 en 1899.[4] Het vaandel stond oorspronkelijk voorin de kerk en was bevestigd aan een neogotische standaard. Tegenwoordig hangt het in de westkant van de kerk, aan de balustrade voor het orgel, naast een ander vaandel waarop Maria is afgebeeld.